Mixed feelings


De dagen in Bangkok zijn voorbij gevlogen. Inmiddels ben ik alweer op mijn volgende bestemming aangekomen. Ben ik daar à la Gordon gillend naartoe gegaan? Nee, ik heb me prima vermaakt in Bangkok. Maar eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik het niet erg vind om na vier dagen uit te wijken naar een minder hectische omgeving. In die zin was de treinreis van Bangkok naar Ayutthaya heel therapeutisch. Langzaam, want de trein ging niet zo snel, maar zeker zag ik vanuit het open treinraam de omgeving kalmeren.

Een aantal vooroordelen ten opzichte van Bangkok zijn in de afgelopen dagen bevestigd. Ja, Bangkok is druk. En chaotisch. Het verkeer is insane. In de afgelopen dagen ben ik meerdere keren met gevaar voor eigen leven een straat overgestoken. Zijn er geen stoplichten, vraag je? Ja, soms wel. Maar ze werken niet altijd en als ze wel werken is er eigenlijk niemand die de juiste conclusie aan een groen of rood voetgangerslicht verbindt. Iedereen gaat zo’n beetje z’n eigen gang in het verkeer in Bangkok. Of zo lijkt het. Er zit dus niets anders op dan meegaan in de oversteekmethodiek die elke toerist in Bangkok zich snel eigen maakt:
  1. Aansluiten bij een groep mensen
  2. Remt daar een auto af?
  3. Verstand op nul
  4. Rennen
Druk, chaotisch en dertig graden of meer. Het is geen prettige combinatie. Denk daar wat luchtverontreiniging als gevolg van uitlaatgassen en de bereiding van streetfood op talloze plekken in de stad bij en het wordt nog minder leuk. Ik ging er plekken met (natuurlijke) airco des te meer door waarderen. De ritjes met de BTS (= trein) of taxi bijvoorbeeld, ondanks dat de airco er op standje ijspegel staat, een bezoekje aan de 7-Eleven, de schaduwrijke plekken in het groene Lumphini Park en de boottocht met de Chao Phraya Rivier Express. Dat laatste is trouwens de perfecte manier om je te verplaatsen als je accommodatie in de oude stad ligt. Het heeft natuurlijke airco, je bent onder de locals, je ziet de stad vanaf het water en het is geweldig om te zien hoe een ouderwets systeem prima kan werken. Who needs a ov-chipkaart? Je koopt een kaartje ter grootte van een postzegel op de pier of je wacht tot je op de boot aangesproken wordt door de kaartjesverkoper. Vervolgens vaart de boot de rivier af en stopt op alle belangrijke plekken. Zodra de boot bij een pier arriveert, wordt er gefloten. Het teken dat er uit- en ingestapt dient te worden. Dit gaat in een sneltreinvaart want de boot ligt maar even stil alvorens het weer op de volgende pier afkoerst.

En ja, je wordt op straat om de haverklap aangesproken. Of je een taxi wilt of een tuktuk, een massage, een maatpak of een excursie. En dat is soms een tikje irritant. Maar vaak ook erg grappig. Want waarom zou ik, de übertoerist, een mantelpak willen kopen bij 35 graden Celsius? Het beste is dan ook om te lachen, vriendelijk ‘no, thank you’ te zeggen en door te lopen. Ik moet zeggen tot nu toe de straatverkopers niet te opdringerig te vinden. Daar kunnen de collega’s in Parijs nog iets van leren. Gisteren passeerde ik overigens een Indiase meneer die mijn toekomst wel wilde voorspellen, zijn giveaway was: ‘long lady, long life’. Dus.

Tegenover deze opdringerigheid staat veel Thaise vriendelijkheid en behulpzaamheid. De Thai zijn heel goed in proactieve behulpzaamheid. Zonder dat je erom hoeft te vragen wijzen ze je de weg naar je accommodatie of het openbaar vervoer, dragen je koffer als je een trapje op moet of verplaatsen de ventilator als je het warm hebt.

En Bangkok heeft een heleboel plekken die de moeite van het bezoeken waard zijn. Ik heb lang niet alles kunnen zien. Wel weet ik nu dat ik Khao San Road gewoon ontzettend leuk vindt. Zowel overdag als ’s avonds. Het is net een 400 meter lange kermis. Overal gebeurt wat. Je kunt er leuke koopjes scoren, zeker als je een beetje durft af te dingen, en lekker eten. Bijvoorbeeld bij één van de vele eetstalletjes of bij Superflow Beach Club. Deze bar/restaurant werd in korte tijd mijn favoriet omdat je er lekker kunt zitten, zowel ‘laag’ als gewoon aan tafel, het is er bovendien goed mensen op KSR kijken en er is WiFi. Overigens heeft Khao San Road een heel leuk broertje (of zou het een zusje zijn?). Soi Rambrutti ligt parallel aan de bekendste straat van Bangkok en is iets minder hectisch. De straat oogt gezellig door het groen van de bomen en de gekleurde lampionnen die op diverse plekken boven de straat hangen. Er zijn hier veel restaurantjes te vinden en, je gelooft het niet, ook een hele leuke boekwinkel met boeken in diverse talen.

De tempels in Bangkok kunnen natuurlijk niet ongenoemd blijven. Ik heb er twee bezocht. Wat Phra Kaew maakte de meeste indruk. Dat begon al toen ik aan kwam lopen en de gouden torens boven de witte muren uit zag steken. De belofte werd ingelost toen ik binnen de muren en voorbij de kaartverkoop was. De buitenkant van de tempel is bijna net zo mooi als de binnenkant (foto). Rijkversierd met bladgoud, edelstenen, mozaïektegels en spiegeltjes die de zon weerkaatsen. Ik kon niet stoppen met fotograferen. Binnen was de sfeer gedragen, ondanks de mensenmassa. De trekpleister is de smaragden Boeddha van 60 centimeter groot. Bij Wat Pho is de Boeddha velen malen groter, zo’n 46 meter lang en 15 meter hoog. Deze liggende Boeddha is geheel goudgekleurd. Erg indrukwekkend. Hier was het wel toegestaan om de Boeddha te fotograferen. Dit ging enigszins ten koste van de sfeer. De mensenmassa was voornamelijk druk met het zo goed mogelijk op de foto krijgen van de Boeddha wat gezien de grootte van het beeld en de pilaren waar het achter ligt, geen makkelijke klus is. Eigenlijk had ik Wat Arun ook nog willen zien. Het paste niet meer in de planning. Maar mijn huidige plaats van bestemming huisvest ook meer dan genoeg indrukwekkende tempels en Boeddhabeelden. Morgenochtend fiets ik de tempelroute in het historische park. Ik ben benieuwd. 

Reacties

Populaire posts